10 DE JUWELIER NR 3 2026 INTERVIEW TOM BLIKSLAGER Sinds 1 juni is Tom Blikslager officieel met pensioen. Al sinds zijn zeventiende was Tom werkzaam in de juweliersbranche en zijn hele carrière heeft hij dat volgehouden, met als hoogtepunt zijn 31 jaar bij Aller Spanninga. Wij kennen Tom vooral als een no-nonsense, nuchtere, eerlijke en humorvolle man. Hoe kijkt hij terug op zijn werkende leven in de juweliersbranche? Wat is hem bijgebleven? Wat gaat hij missen? En kan hij het überhaupt loslaten? Op die laatste vraag zullen we maar meteen antwoord geven: nee dat kan hij niet. Over pensioenangst (ja, dat bestaat), over passie en doorzettingsvermogen. Dit is het verhaal van Tom Blikslager. TOM BLIKSLAGER GAAT NA 31 JAAR ALLER SPANNINGA EN EEN LEVEN IN DE JUWELIERSBRANCHE MET PENSIOEN Het zal u als lezer van De Juwelier niet ontgaan zijn, maar wij spreken Tom meermaals per jaar over Aller Spanninga, de ontwikkelingen in het assortiment – zoals de introductie van de My Elegance collectie onlangs –, de updates in de online configurator of de realisatie van een nieuwe brochure. Tom is het creatieve brein dat continu op meerdere borden tegelijk schaakt. Iemand die ziet waar de mogelijkheden liggen voor juweliers en daarnaar handelt. En iemand die altijd aanstaat en bezig is. Het welbekende zwarte gat ligt dan ook op de loer. “Weet jij wat pensioenangst is”, vraagt Tom ons als we hem treffen voor dit interview. “Dat voel ik wel een beetje. Ik ga nu vier maanden helemaal niks doen en ervaren hoe dat is en dan gaan we kijken of ik nog in een adviserende rol een betekenis kan hebben voor Aller Spanninga.” Definitief loslaten doet hij het dus nog niet. Ratners Tom begint op zijn zeventiende op de Vakschool Schoonhoven aan zijn opleiding tot Juweliers-Goudsmid opleiding om vervolgens nog een jaar vervolgopleiding als Uurwerkmaker te volbrengen. “Ik werkte daarna bij verschillende juweliers en leerde daar het klappen van de zweep. Ik hield dat tien jaar vol, waarvan een groot deel bij Ratners, een Engelse keten met meer dan 200 zaken in Groot-Brittannië en vijf vestigingen in Nederland. Het concept van Ratners kun je het beste vergelijken met de Kijkshop, waar de collectie werd gepresenteerd met schildjes en mensen op die manier gemakkelijk een keuze konden maken. Heel praktisch en doordacht. Daar heb ik heel veel geleerd voor wat betreft het presenteren van een assortiment en het zo gemakkelijk mogelijk maken voor een retailer én een consument.” Firma Maassen Wat volgde was een stap naar een rol als vertegenwoordiger bij de Firma Maassen. “Zij hadden destijds de distributie van de Swatch Group. Over de collectiesamenstelling had je als juwelier niks te zeggen en dat zorgde nogal eens voor discussies. Ook het afscheid nemen van dealers was schering en inslag en dat waren echt geen leuke gesprekken, maar het hoorde er wel bij. Ik heb zoveel meegemaakt in die periode. Het heeft mij ook mede gevormd. Ik had toen nog wel eens drempelvrees om bij sommige hautaine juwelier binnen te stappen. Het waren andere tijden en juweliers voelde zich nog wel eens verheven boven vertegenwoordigers. Dat is nu gelukkig wel anders.” J.P.C. Tom maakte van de Firma Maassen de overstap naar J.P.C. “Ik had door de jaren heen hele goede contacten opgebouwd met een groot aantal juweliers door altijd mijzelf te blijven en te doen wat ik beloofde. Het is voor mij iets vanzelfsprekends, maar blijkbaar deed ik toch iets goed. Ik heb bijna drie jaar met veel plezier bij J.P.C. gewerkt, toen ik mijn horizon wilde verbreden en bij Sluijter Verpakkingen aan de slag ging. Daar is mijn voorliefde voor mooie displays ontstaan. Ook kon ik daar mijn ei helemaal kwijt, want ik heb wel wat architectenbloed in mijn zitten en ik kon daar naar eigen idee ontwerpen en tekenen. Dat was wel heel leuk om te doen, maar het bloed kroop toch waar het niet gaan kon en toen ik geattendeerd werd op een vacature bij Aller Spanninga, besloot ik de stoute schoenen aan te trekken en te reageren.” De overstap naar Aller Spanninga Een telefoontje naar de ringenproducent in Joure leverde het eerste contact op met Erik Walinga en zijn vader Tjerk. “Er was meteen een goede klik”, blikt Tom terug op dat telefoontje en het vervolgcontact. “Ik was best wel enthousiast over de potentie van Aller Spanninga, maar er was nog helemaal geen merkbeleving of een professionele opbouw in de collectie. Ik was vooral heel benieuwd hoe het productieproces eruit zag, maar voordat ik getekend had, mocht ik geen stap in het atelier zetten. Na wat blufpoker heen en weer met Tjerk, mocht ik toch een kijkje nemen en heb ik gelijk mijn contract getekend. Waarom? Omdat ik zag dat ze alles in eigen beheer produceerden met een team van zeer kundige vakmensen. Dat is uniek en geeft je heel veel mogelijkheden, dat is ook wel gebleken.” Concept van ringboxen Zodoende startte Tom op 1 april 1995 bij Aller Spanninga. “Ik kreeg enorm veel vertrouwen van Erik en Tjerk en mocht aan het merk Aller Spanninga bouwen. Al snel startten we met een duidelijk eigen signatuur in de collectieopbouw, eigen displays en zijn we begonnen met het ontwikkelen van de nu bekende ringboxen, zoals ik geleerd had bij Maassen en Ratners. Doordat we op een gegeven moment in Engeland voet aan de grond kregen en het nogal een gedoe was bij de douane iedere keer met reizen, hebben we onze succesvolle dummycollecties gepresenteerd. Stapje voor stapje groeiden we verder en werden we zichtbaarder bij juweliers. Zoals gezegd begonnen we in Engeland IK HEB DE AFGELOPEN 31 JAAR MOGEN WERKEN BIJ HET MOOISTE BEDRIJF UIT DE BRANCHE, MET DE MEEST GEWELDIGE COLLEGA’S
RkJQdWJsaXNoZXIy MTAyNDU4