34 HOORDETAIL NR 2 2026 COCHLEAIRE IMPLANTATEN HOE MED-EL BLIJFT INNOVEREN BINNEN COCHLEAIRE IMPLANTATEN De Nederlandse hoorzorgmarkt is voortdurend in ontwikkeling. Veranderingen in vergoedingsstructuren en organisatievormen beïnvloeden de praktijk van vandaag, terwijl de verwachtingen van klanten onverminderd hoog blijven: duidelijke spraak, comfort in rumoerige situaties en moderne connectiviteit horen inmiddels bij een vanzelfsprekende hoorervaring. Een CI-systeem bestaat uit twee componenten: een extern gedragen audioprocessor die geluid opvangt en verwerkt, en een intern implantaat dat onder de huid achter het oor wordt geplaatst. Samen zorgen ze ervoor dat geluid opnieuw betekenis krijgt voor de drager. Volgens Tarien, audioloog en logopedist binnen MED-EL Nederland, ligt daar precies de kern van de technologie: “Het gaat er uiteindelijk niet alleen om dát iemand weer hoort, maar hoe natuurlijk en volledig dat geluid wordt ervaren. Daar zit voor ons de echte uitdaging en de motivatie om te blijven innoveren.” Van pionierswerk naar wereldspeler De basis voor het moderne cochleaire implantaat werd gelegd in 1977, toen Dr. Ingeborg Hochmair samen met haar echtgenoot Erwin werkte aan de eerste ontwikkelingen. Wat begon als pionierswerk, groeide uit tot wat MEDEL vandaag de dag is: een internationale organisatie met inmiddels duizenden medewerkers wereldwijd. “Wat MED-EL bijzonder maakt, is dat innovatie vanaf het begin in het DNA zit”, aldus Tarien. “We zijn altijd blijven kijken naar hoe het beter kan: niet alleen technologisch, maar juist ook vanuit de patiënt en de professional.” Focus op behoud van de cochleaire structuur Een belangrijk uitgangspunt binnen de ontwikkeling van MED-EL is het behoud van de delicate structuren in het slakkenhuis. Al in de beginjaren werden elektrodearrays ontwikkeld met golfvormige draden en een flexibel ontwerp. Tarien licht toe: “Deze eigenschappen zorgen ervoor dat de elektrodenmatrix tijdens de operatie zo min mogelijk schade toebrengt aan het kwetsbare slakkenhuis. Hoe meer van het natuurlijke systeem intact blijft, hoe groter de kans dat het resterende gehoor behouden blijft en hoe groter de mogelijkheid dat er in de toekomst nieuwe gehoortechnologieën voor de patiënt kunnen worden ingezet. Het is belangrijk om te onthouden dat een doof oor geen dood oor is.” Volledige cochleaire dekking als uitgangspunt Met de introductie van een 31,5 mm lange elektrode-array in 1994 zette MED-EL een belangrijke stap richting volledige stimulatie van het slakkenhuis, inclusief de lage frequenties. Opvallend is dat MED-EL daarbij bewust kiest voor 12 elektrodecontacten. Waar ‘meer’ op het eerste gezicht beter lijkt, ligt dat in de praktijk genuanceerder. Tarien legt uit: “Met 12 elektroden kunnen we zeer gerichte stimulatie bieden, waarbij de kans kleiner is dat signalen elkaar verstoren. Wanneer elektroden te dicht bij elkaar liggen, bestaat het risico dat ze hetzelfde gebied stimuleren en interferentie veroorzaken, wat een negatief effect heeft op de geluidsperceptie. Juist de afstand tussen de elektroden – bijvoorbeeld 2,4 mm in de STANDARD – draagt bij aan een zuivere stimulatie en maakt de array ook flexibeler. ▼ Een overzicht van de volledige geschiedenis, met rode stippen die markeren waar MED-EL als innovator optrad of een wereldprimeur realiseerde WE WILLEN OPLOSSINGEN ONTWIKKELEN DIE NOG BETER ZIJN AFGESTEMD OP DE INDIVIDUELE ANATOMIE EN BEHOEFTEN VAN DE GEBRUIKER
RkJQdWJsaXNoZXIy MTAyNDU4