MEAT&CO NR 3 2026 13 COLUMN Henk Hoogenkamp, vaste columnist van ons vaktijdschrift, is een interdisciplinaire schrijver die in boeken, lezingen en artikelen voor diverse media de balans zoekt tussen voedselproteïnen, sociale interacties, omgeving en de verstoring van de marketingdynamiek. Hij deelt zijn bevindingen op henkhoogenkamp.com. Henk Hoogenkamp In West-Europa hebben de woorden vlees en soja een lange geschiedenis. Pal na de Tweede Wereldoorlog kwamen de Amerikanen vertellen dat het gebruik van soja een snelle manier was om de voedingstekorten weg te poetsen door van 1 kilo vlees 2 kilo soja-hybride vlees te maken. Het resultaat van dit ongetwijfeld goed bedoelde advies weten we allemaal. Het heeft 50 jaar geduurd alvorens soja de slechte smaakbeleving had afgeschud. De Oost-Europeanen en met name Rusland hoeven niet zo lang in de geschiedenis terug te gaan. Ook zij hadden voor de val van de Berlijnse Muur de pech van schamel hybride voeding, gemaakt met veel getextureerde soja gemengd als gehakt, burger en worst. Tachtig jaar later staan we dus weer op hetzelfde vertrekpunt om hybride vlees en zuivel nieuwe impulsen te geven. Goedbedoelde pogingen In de VS zijn er recent diverse goedbedoelde pogingen geweest om ‘balanced protein’ of ‘hybride’ te introduceren, appellerend aan zowel een gezond klimaat én een gezonde consument op basis van soja-, erwten- en havereiwitten. Na een aantal vruchteloze maanden vol met promotie verdwenen de meeste producten met de stille trom uit het schap. De geluiden van de experts worden dan ook steeds harder dat het ‘bizar moeilijk’ is om de gezondheid van de planeet te koppelen aan de natuurlijke dwang voor lekkere (gemak)voeding door de mens. Net zoals de aandelenbeurzen heeft de consument altijd gelijk. Plantaardige eiwitbronnen zijn belangrijk in een evenwichtig eetpatroon. En ja, een beetje minder traditioneel vlees en zuivel is een stap in de goede richting. De plantaardige eiwitten kijken echter met jaloerse blikken naar de superieure aminozuuranalyses van de dierlijke eiwitten, waarbij met name Leucine onmisbaar is als het echt spannend wordt voor de optimale nutritionele kwaliteit. Maar als we dan toch praten over de voor- en nadelen van plantbased eiwitvoeding moeten we de ogen niet sluiten voor de realiteit dat door de kunstmest afhankelijke giga sojalandbouw de Amazon-oerbossen nog steeds in recordtempo doet verdwijnen. Het 2030 EU soja-moratorium is kansloos en ondanks alle mooie plannen kunnen we weer opnieuw beginnen met bindende afspraken. En is rijsteiwit nog wel een goede keuze, wetende dat het gepaard gaat met 12% van de wereldwijde methaangasuitstoot? Zowel de voedingsindustrie als de consument zijn niet gebaat met polariserende voedingsadviezen, vooral niet wanneer deze gelardeerd worden met politieke invloedsferen. Hybride voedingssuccessen worden alleen gedragen door inflatoire tendensen die een goed-smakend product goedkoper maken en niet noodzakelijkerwijs duurzamer. Afstand doen van traditionele voeding is alsof je op ’n fatbike rijdt waarop een Mercedes Benz-ster geplakt is. HYBRIDE: SYNONIEM AAN ‘VEEL VOOR WEINIG’ Vooral in tijden van inflatoire tegenspoed houden veel consumenten de hand op de knip. Zuinig omgaan met de Euro’s, waarbij hybride samengestelde producten van dierlijk- en plantaardig eiwit synoniem zijn geworden aan ‘veel voor weinig’.
RkJQdWJsaXNoZXIy MTAyNDU4