MEAT&CO NR 6 2024 11 concurrentiepositie verliezen en we alleen nog voor de Nederlandse markt kunnen produceren. De wereldwijde vraag naar dierlijke eiwitten wordt niet minder. Elke kip, elk varken en elke koe die uit Nederland verdwijnt, zal vervangen worden door een dier elders in Europa of Zuid-Amerika. Dat wordt dan per definitie onder slechtere omstandigheden wordt gehouden en met een grotere milieuimpact. Het mag vaker benoemd worden dat de wereld er slechter van wordt als Nederland minder veehouders kent. Laat het een waarschuwing zijn. We moeten ervoor zorgen dat iedereen doorheeft dat we het prima doen als sector en we moeten ons dus niet aan laten praten dat het kommer en kwel is in Nederland.” Wat als deze waarschuwing ongehoord blijft en de krimp alsnog volgt? “Krimp van de veestapel heeft ook gevolgen voor de achterliggende ketens. De vleesindustrie kan niet zomaar levende dieren of karkassen uit andere delen van Europa importeren door strengere Europese wetgeving. Sourcing zal dus een probleem worden. De overheid kijkt uitsluitend naar het uitkopen van veeboeren, maar wij vinden dat de overheid zeker ook oog moet hebben voor sanering van de achterliggende bedrijven. Dat zou getuigen van fatsoenlijke bestuur. Het is immers geen ondernemersrisico, want je kunt als slachterij niet inspelen op deze abnormale en unieke omstandigheden die het gevolg zijn van ingrijpend overheidsbeleid.” Wat is het meest dringende advies voor je opvolger? “Het grootste risico voor zowel de korte als lange termijn is het gebrek aan capaciteit van dierenartsen bij de NVWA. Alhoewel, er zijn er genoeg, maar de dierenartsen worden onvoldoende ingezet op dierenartstaken. Er werken ook veel dierenartsen als beleidsmedewerker of coördinator bij de NVWA. Doordat er te weinig dierenartsen ingezet worden op functies waarvoor een dierenartstitel vereist is, kunnen er bijvoorbeeld minder karkassen worden geïmporteerd en minder slachtkeuringen worden uitgevoerd. Maar ook de plantaardige sector (Aardappelen, Groente en Fruit), bloemensector en visserij hebben veel last van een inefficiënte en dure NVWA. Dit heeft negatieve gevolgen voor onze concurrentiepositie. Ook voor de haven van Rotterdam, omdat bedrijven op zoek gaan naar alternatieven en hun voedsel voortaan via Hamburg of Antwerpen laten komen. De problemen bij de NVWA vormen een dossier waarover mijn opvolger dient te waken, want dit is voor de komende jaren de grootste uitdaging. Dat besef zal er ook bij de overheid moeten zijn, zodat de personeelstekorten bij de NVWA (zoals aangetoond door PWC, red.) aangepakt kunnen worden en onze sector juist weer op weg geholpen kan worden, in plaats van tegengewerkt.” Meer informatie via www.cov.nl en www.vleeswarenindustrie.nl ER GEBEURT GIGANTISCH VEEL IN EN RONDOM DE VLEESSECTOR. VEEL DOSSIERS LOPEN DOOR OF ZIJN ZELFS NOG INTENSER GEWORDEN Laurens Hoedemaker was de afgelopen 3,5 jaar voorzitter van de COV en VNV
RkJQdWJsaXNoZXIy MTAyNDU4